Na 65 jaar leer ik mezelf een beetje kennen
Een nieuwe column van woordkunstenaar Stef Bos
Ik zit in een fascinerende fase van mijn leven. Ik word dit jaar 65 maar getallen zeggen mij niet zoveel. Ik voel wel dat ik een andere ruimte inga. Met pensioen gaan is geen optie, want ik werk in dienst van de verbeelding en die kent dat soort begrippen niet. Ik zal altijd liedjes blijven schrijven. Het is een soort geestelijk ademhalen waar jij niet voor kiest, het kiest voor jou.
Laatst moest ik voor een tv-programma de archieven in om het origineel van het liedje Papa op te zoeken en belandde in een soort reis door de tijd. Zag mezelf van toen in zinnen verspreid op papier en tussen de regels. De eenzelvige, de verliefde, de verongelijkte en de zoekende jonge man en zanger in een woud van woorden. Keek met deernis naar de afgelegde weg vol struikelpartijen en hoogvliegers. Maar dat alles zonder weemoed, want ik ben nergens liever dan waar ik nu ben, ook al is het een rare wereld waarin we leven.
Het is zo mooi zo’n reis door je hoofd af te leggen. Dat hoort bij deze leeftijd, want er is meer vroeger dan later. Tijdens dat soort reizen probeer ik grip op mezelf te krijgen. Een soort landkaart van mijn leven in beeld te brengen omdat ik vaak te weinig stilstond. Ik neem opeens de tijd. Om naar mijn oude leraren toe te gaan van de toneelschool. Vrienden op te zoeken die mij recht in de ogen kunnen kijken. Een geliefde van lang geleden te vragen wie ik toen was en wat er verkeerd ging. En vooral wat mijn aandeel was. Na 65 jaar leer ik mezelf een beetje kennen. Het is nooit te laat.
En vreemd genoeg, als je openstaat voor een reis door de tijd kom je de een na de ander tegen die het licht op een blinde vlek laat vallen. Zo kwam ik met componist en dirigent Dirk Brosse samen in Gent omdat we een project doen met het Noord Nederlands Symphonisch Orkest. Dirk is de dirigentarrangeur en ik zing een deel van mijn repertoire. Vanaf het eerste moment zaten we op dezelfde golflengte in onze holistische kijke naar het leven en muziek maken voorbij ons ego. Prachtig detail: ik kwam binnen en het hondje van Dirk bleef maar blaffen. Dan zie je een dirigent van formaat met een heel orkest in de palm van zijn hand en een hondje dat maar niet wil luisteren. Hij zag er ook de humor van in en dan kun je samen op pad.
Drie wonderlijke uren later met zijwegen naar kunst en cultuur – zijn huis is een museum – was onze bespreking voorbij en kwam een bekende Belgische zanger binnen met wie hij later een afspraak had: Jasper Steverlinck. Vanaf het eerste moment was ook daar een klik, in een wereld van poëzie en de passie voor muziek. En hoe je soms onderweg in verwarring kunt raken als er enige vorm van roem toeslaat of het spotlicht je verblindt. Jasper, een late veertiger, vertelde dat we geregeld terug moeten naar beginpunten in ons leven om de essentie terug te voelen van wie we wezenlijk zijn en wat we zoeken in plaats van een personage te spelen die moet voldoen aan de verwachtingen. Spijker op de kop, vond ik, en ik stelde hem gerust dat met het ouder worden die reis door de tijd steeds gemakkelijker wordt. Omdat het te laat is om jezelf nog te bewijzen; je moet alleen nog maar jezelf proberen te zijn. Als je jezelf toch eens verliest, is die kern van ons gemakkelijk terug te vinden: in de ogen van een ander die we ooit hebben gekend en die eerlijk durft te zijn. En ook nog steeds op avontuur is. De sleutel van de toekomst ligt in de verleden tijd.
Over Stef
Stef Bos (1961) is singer-songwriter en woordkunstenaar. In Zin schrijft hij over zijn leven als muzikant en als echtgenoot en vader. Stef is getrouwd met de Zuid-Afrikaanse kunstenares Varenka Paschke. Samen hebben ze drie kinderen: zoon Kolya (15) en dochters Lorelei (13) en Vonkie (8). Ze wonen afwisselend in Zuid-Afrika en in Vlaanderen. Stef toert in 2026 in maart met het Noord Nederlands Orkest en in mei-juni in kleine bezetting met de voorstelling Ik zing.