BELEEF DE TIJD VAN JE LEVEN
5 vragen aan Harm Edens

5 vragen aan Harm Edens

‘Doe gewoon eens iets níet. Waarom moeten we alles?’

Programmamaker en schrijver Harm Edens (1961) is vooral bekend van Dit was het nieuws. Wat niet iedereen weet, is dat hij zich daarnaast al bijna dertig jaar inzet voor een betere planeet. Voor zijn laatste boek De Belangrijkste Vragen van je Leven sprak hij met jongeren over duurzaamheid. En vanaf oktober toert hij met zijn voorstelling De toestand in de wereld volgens Harm Edens door het land.

1. En, hoe is de toestand in de wereld volgens Harm Edens?

“Niet best natuurlijk. We maken er een zooitje van. We consumeren ons te pletter, schelden elkaar verrot op X, we verrechtsen, verruwen, voeren oorlogen. Daarbij laten we alles vervangen door AI waarmee we – door het enorme stroomverbruik – onze aarde nog een beetje meer om zeep helpen. We zijn met z’n allen een steeds individualistischere samenleving geworden waarin we elkaar alsmaar minder gunnen. Dat klinkt zwartgallig. Is het ook. Het stemt me droevig. Maakt me af en toe boos, chagrijnig, ongeduldig en zelfs cynisch. Is er dan helemaal geen hoop? Licht aan het eind van de tunnel? Dan moet je echt heel goed kijken. Ik ben nu zo’n dertig jaar bezig met het klimaat, maak veel groene podcasts en radio-uitzendingen. Spreek vaak op klimaatcongressen, bij ministeries, banken, pensioenfondsen. Ik heb
niet het gevoel dat we snel genoeg vooruitgaan.

Sterker nog: soms wordt het erger. Dan staat er weer een CEO van een of andere multionational de zomen uit je broek te liegen over de zogenaamd duurzame stappen die zijn company zet. Niet te doen. Wat dat betreft heb ik alles al gezien en gehoord. Daarom praat ik in mijn boek De Belangrijkste Vragen van je Leven met zestien bevlogen donkergroene jongeren die nog een hele toekomst voor zich
hebben. Wat me opviel, is dat ze een heel reëel toekomstbeeld hebben, groot durven te denken en er alles aan willen doen om het tij te keren. ‘Harm, we gaan de landbouw radicaal omgooien.’ En: ‘Het financiële systeem moet wereldwijd echt veranderen.’ ‘We weten ook hoe.’ Dat soort denkers hebben we nodig. Eentje raakte me. Ze zei: ‘Ik ben aan het zoeken naar manieren hoe ik mijn voetafdruk zo klein en mijn handafdruk zo groot mogelijk kan maken.’ Zij probeert kleiner te leven en tegelijkertijd méér te brengen. Kippenvel. Het geeft me hoop dat het heel misschien toch nog goedkomt…

Van nature ben ik een optimist. Humor is mijn grootste wapen, mijn manier om dingen verteerbaar te maken. Het theatercollege waarmee ik het land intrek, gaat over hoe het er echt voorstaat met onze planeet en waar het naartoe moet. Een serieus en pittig onderwerp. Met daarbij nog mijn persoonlijke verhaal over m’n jeugd waarin ook weinig te lachen viel. En toch is de voorstelling helemaal niet alleen kommer, kwel en ellende. Juist niet. Wanhoop en lachen zitten dicht bij elkaar. Humor geeft lucht. Als we dan toch ten onder gaan, dan maar lachend.”

2 Wat doe – of laat – jij zelf zoal voor een beter klimaat?

“Ik vlieg al acht jaar niet meer. Draag veel oude kleren. De schoenen die ik nu aan heb, zijn 27 jaar oud en ineens weer hip. Ik rijd een elektrische auto, al zei laatst iemand zeer terecht dat elektrisch rijden geen oplossing is voor duurzaamheid maar meer voor de auto-industrie. Eigenlijk moeten we met z’n allen anders bewegen. Pak de fiets of ga lopen. Kleinere ketens maken, minder troep over de planeet heen en weer zeulen. Alles is nu mondiaal georganiseerd, dat werkt niet. In feite zou elk continent zijn eigen broek
moeten ophouden. Uiteindelijk moeten we allemaal kleiner gaan leven. Echt kijken: waar geef ik mijn CO2-budget aan uit. Wat vind ik belangrijk, waar word ik echt gelukkig van en hoe blijf ik binnen de planeetgrenzen. We gebruiken op dit moment 3,5 tot 4 planeten.

Alleen een land als Myanmar blijft er binnen, maar daar heeft driekwart van de bevolking honger. Toch probeer ik het, kleiner leven. Door bijvoorbeeld niet alles zelf aan te schaffen. Ik hoef echt geen hoge drukspuit of een airfryer. Leen de boormachine van je overburen. Of doe gewoon eens iets níet. Waarom moeten we alles? De commercie lijkt het tijdelijk te hebben gewonnen. Of ik met deze instelling een leuker mens word? Niet voor iedereen. Als ik ga lunchen met vrienden en zij bestellen een broodje tonijn, krijgen ze toch een gratis minicollege van mij over hoe belangrijk die tonijn is en dat er mondiaal heel erg wordt overbevist.

Overigens woon ik niet in een leeg huis of zo. Ik hou van oude spullen. Het leuke is dat die geen footprint hebben. Daarnaast is kunst belangrijk in m’n leven. Ik was laatst bij de tentoonstelling Sag mir wo die Blumen sind van Anselm Kiefer in het Van Gogh Museum en het Stedelijk Museum in Amsterdam. Over de zinloosheid van oorlog, uitzichtloos geweld, schuld, dood, wegzinken in de aarde om weer te kunnen opstijgen. Prachtige kunst, maar ook heftig. Het raakte me. Mijn ouders maakten beiden bewust de
oorlog mee. Hen is niks overkomen en toch bleven ze na 1945 zitten met een enorme angst. Die hadden ze allebei daarvoor ook al… en die is gebleven. Dat was de sterkste verbinding tussen hen. Geen genegenheid of verliefdheid maar angst. Hoe kunnen wij dit leven samen verslaan? Nou… door achter de
bank weg te kruipen, met het licht uit, geen vrienden, geen feestjes, geen vakanties. Gewoon door niks te doen. Stilzitten, niet bewegen. En daar moest ik als kind barstensvol energie mee zien om te gaan. Ik heb in m’n pubertijd en daarna heel erg m’n best moeten doen om hun angst en stress achter me
te laten.”

3 Hoe is je dat gelukt?

“Humor was en is essentieel voor me. Al werd er bij ons thuis nooit gelachen. Ik heb mijn vader één keer zien lachen om een scene van de Mounties en ik weet nog precies welke. Blij zijn, is een emotie die er niet mocht zijn. Ik ontvluchtte daarom als kind zoveel mogelijk het huis. Dan zat ik bij de buren. Of ik deed als 8-jarige het keukenraam op één hoog open en schreeuwde door de hele straat: ‘Help, ik word hier opgevoed door volkomen incompetente mensen.’ Dat vond ik zelf ontzettend grappig. Mijn ouders niet. Ze waren woedend. ‘Denk aan de buren, iedereen hoort je.’ ‘Ja, dat is precies de bedoeling.’ Geloof me, als je opgroeit in zo’n verstikkend gezin, heb je heel wat humor nodig. In mijn vorige boek Volkomen onnatuurlijk gedrag, over mijn jeugd, zitten negen levenslessen. De belangrijkste is: het maakt niet uit wat je doet, als er maar vreugde bij zit. Vreugdeloosheid in het leven is gewoon het ergste wat er is.
Toch heb ik ondanks alles nooit gebroken met mijn ouders. Dat werkt ook niet echt bevrijdend. Mijn vader stierf vijf jaar geleden op 89-jarige leeftijd. Mijn moeder leeft nog steeds. Ze is nu 95.

Het is door de jaren heen niet echt beter geworden. Ik heb zo’n beetje alles wel geprobeerd en gezegd. Niks had effect. Ik heb van mijn ouders niet één keer een complimentje gehad. Of ten minste iets als: ‘Wat fijn dat het je goed gaat.’ Dat is wel lastig. Een kind wil gezien worden door zijn ouders. Zij zijn je wortels. Het is hun functie om je te beschermen, je op te tillen en sterk in het leven te zetten. Iets van liefde laten zien, is belangrijk. Dat was er gewoon niet. Tuurlijk hoop je tot op het laatst op iets van een mini-beetje waardering, of op nog iets aardigs. Met in het achterhoofd het verhaal van Marlies van de tennisclub. ‘Ik had een verschrikkelijke vader, maar toen hij ziek werd, hebben we nog drie heel
mooie weken gehad. Dat was helend. Hij zag me ineens.’ Zo ging het bij mij niet. Binnen 36 uur was mijn vader dood. Ik heb geen woord meer met hem kunnen wisselen.”

Verder lezen?

Lees het vervolg van het interview met Harm Edens in Zin 10. Nu in de winkel. Of bestel ‘em hier online.

Tekst: Jessica Blokland